Energie

Energie Akkoord

In september 2013 is door een groot aantal partijen, waaronder de rijksoverheid, werkgevers- en werknemersorganisaties, natuur- en milieuorganisaties, financiële instellingen en de VNG, het energieakkoord voor duurzame groei (het SER energieakkoord) afgesloten. Doel van dit akkoord is om gezamenlijk te werken aan meer energiebesparing, het vergroten van het aandeel duurzame energie en een toename van de werkgelegenheid in Nederland.

Een onderdeel van dit akkoord is de afspraak dat energiebesparing bij bedrijven een hogere prioriteit krijgt. Reeds sinds lange tijd bestaat er voor bedrijven een verplichting om energiebesparende maatregelen te treffen met een terugverdientijd korter dan 5 jaar. Dit is wettelijk geregeld in het Activiteitenbesluit. Het toezicht op de bedrijven en instellingen die vallen onder de werking van artikel 2.15 van het Activiteitenbesluit is een verantwoordelijkheid van gemeenten, provincies en hun uitvoeringsdiensten.

Energiebesparingsverplichting

In het Activiteitenbesluit milieubeheer zijn voor energiebesparing de uitgangspunten van de Wabo en de Wet milieubeheer vertaald in de verplichting dat alle energiebesparende maatregelen die zich in vijf jaar of korter terugverdienen moeten worden getroffen.

EED-richtlijn

Het doel van de EED-richtlijn is het behalen van het Europese streefdoel van 20% energiebesparing op het energieverbruik in 2020 ten opzichte van het verbruik in 2010. De richtlijn schrijft maatregelen voor om het energieverbruik van overheid, burgers en bedrijven terug te dringen, die moeten worden geïmplementeerd in nationale wetgeving, overheidsbeleid of door middel van feitelijk handelen.

Uitrol EPK op bedrijfsterreinen in Limburg

In samenwerking met de bevoegde gezagen (gemeenten en provincie) en parkmanagement zal de EPK (Energie Prestatie Keuring) in Limburg bedrijfsterreingewijs worden uitgerold. Vervolgens wordt er samen met het parkmanagement een benaderingscampagne opgezet om deze bedrijven te informeren over de EPK, hen aan te zetten tot het uitvoeren hiervan en het nemen van de maatregelen die volgens art. 2.15 van het Activiteitenbesluit milieubeheer voor het betreffende bedrijf aan de orde zijn.